

Seizoen 2010-2011
Flamingo's in de polder (reprise)
-speellijst
Een beschaafde jongen
-speellijst
Over 'Flamingo's in de polder'
"In 'Flamingo's in de polder' vertelt en speelt Begijn Le Bleu het verhaal van een aantal mensen dat aan de rand van de
samenleving leeft. Ondergedompeld in een uitzichtloos bestaan komen ze elkaar tegen in hun stamcafé, hun enige thuis.
Achter een dik vel van tegenslagen vertellen ze hun pijnlijke en grappige verhalen. Hier likken ze wonden of strooien
er zout in, hier wordt gejankt en gefeest. In bedrieglijke eenvoud en met zin voor absurditeit speelt Begijn deze vaak
vreemde vogels, zonderlingen die het zout der aarde blijken. 'Flamingo's in de Polder' is een evenwichtsoefening tussen
humor en tragiek. Eigenzinnig en niet vrijblijvend."
Over 'Een beschaafde jongen'
"Begijn Le Bleu is een keurig opgevoede jongen. Net als u en ik. Altijd op tijd. Proper gewassen. Spreekt met twee woorden.
Maar af en toe... Heel af en toe... In “Een Beschaafde Jongen” raakt meesterverteller Begijn verstrikt in een web van
verlangens, driften en instincten. Net als u en ik. Hoe ze ons tegenhouden of voortstuwen, verraden of zich verbergen
in de krochten van onze ziel."
Bio.txt
Begijn Le Bleu speelde zich in 2000 voor het eerst in de kijker, toen hij met fragmenten uit de nog embryonale
voorstelling 'Tante Tiet' finalist werd bij Humorologie, de tweejaarlijkse humorwedstrijd in Marke. In de jaren
daarna speelt hij diverse avondvullende voorstellingen. De grote doorbraak waarop werd gehoopt, bleef echter uit.
Begijn was teleurgesteld en dacht aan stoppen, toen eind 2005 het grote keerpunt kwam. Met fragmenten uit
'De Prins op het Witte Paard' won hij zowel de jury- als publieksprijs van de 40ste editie van Cameretten.
Verslag Cameretten 2005
Het tweede optreden van de avond betreft opnieuw een Belg. Begijn Le Bleu lijkt nog het meest op een autistische
boekhouder, maar volgens zijn moeder heeft hij een treffende gelijkenis met Elvis. Uit zijn grote boekentas haalt
hij door hem verzamelde sneeuwdoosjes (met de thema's heiligen, dieren en dorpen & steden). Zijn grote wens is
om ooit alle doosjes tegelijk te laten sneeuwen. Er volgt een bizarre vertelling over zijn vertrokken vrouw (die
het nu met zijn vader doet), een verbastering van Brels 'Ne me quitte pas' tot 'Ga je tiete pa', een onmoeting
met een verloskundige, zijn carriere als openraam-zanger en de wandeling naar het strand met een gehandicapt
Roodkapje en een Britse voetbalsupporter waarna het einde der wereld nakend is. Tussendoor probeert Le Bleu
tevergeefs al zijn sneeuwdoosjes te laten sneeuwen. Le Bleu speelt een half uur lang een typetje dat enerzijds
bijna vervelend druk lijkt, maar tegelijk genoeg fascineert om te blijven kijken. De hele voorstelling druipt
van een absurdisme waar de Belgen patent op lijken te hebben en doet in zijn wendingen wel een beetje aan
Wim Helsen denken. Het voordeel van Helsen is dat je bij hem niet zoveel het idee hebt dat je naar een typetje
kijkt. En dat is bij Le Bleu nadrukkelijk wel het geval.
Over 'De prins op het witte paard'
"'Ik verzamel sneeuwdoosjes. Thuis heb ik er 1846 in een prachtig rek staan. En een van mijn hobby's is alle 1846
sneeuwdoosjes tegelijkertijd te laten sneeuwen..'
In 'De prins op het witte paard' speelt Tino Schietekat de hoofdrol. In sneltreinvaart neemt Tino het publiek mee
naar zijn kleine wereldje waar sneeuwdoosjes, open ramen en bloedhonden de scepter zwaaien. Er gaat een dreiging
uit van zijn personage die doet denken aan John Cleese. Een portet van een geboren loser die wil winnen. Een
voorstelling waar humor, horror en poezie elkaar de hand geven."
Over 'Flamingo's in de polder'
"In 'Flamingo's in de polder' vertelt en speelt Begijn Le Bleu het verhaal van een aantal mensen dat aan de rand van de
samenleving leeft. Ondergedompeld in een uitzichtloos bestaan komen ze elkaar tegen in hun stamcafé, hun enige thuis.
Achter een dik vel van tegenslagen vertellen ze hun pijnlijke en grappige verhalen. Hier likken ze wonden of strooien
er zout in, hier wordt gejankt en gefeest. In bedrieglijke eenvoud en met zin voor absurditeit speelt Begijn deze vaak
vreemde vogels, zonderlingen die het zout der aarde blijken. 'Flamingo's in de Polder' is een evenwichtsoefening tussen
humor en tragiek. Eigenzinnig en niet vrijblijvend."