

Uitholling overdwars
Als ik tien jaar geleden met een nieuw
lied bij George Groot kwam, ontving hij me vriendelijk maar spottend:
'Zo zo zo. Kom je doen? Nieuw liedje? Alweer? Nou, laat maar eens
zien.' Had hij het al knikkend doorgelezen dan luidde onveranderlijk
zijn commentaar: 'Wat een schitterend idee, Dorretje, hoe kun je
het verpesten.' Zijn manieren waren innemend, hij bracht het goed,
dus ik ben nooit uit mijn vel gesprongen. Bovendien wist ik dat
ik in hem mijn meester had gevonden. Indertijd stond ik versteld
van zijn lied Vakantie in Nederland.
Het zat zo geheid in mekaar dat ik geloofde dat ik zoiets nooit
zou kunnen: een lied met een echte goeie grap aan het eind. Grappen,
dat was mijn zwakste punt en nog.
George Groot echter toverde de wegwezeers uit zijn mouw, zo meende
ik. Soms knipte hij waar ik bij stond het laatste couplet van mijn
lied af en vervaardigde er een nieuw en veel leuker eind aan voor
ik van de schrik bekomen was.
Liedjes schrijven is een vak: je kan het leren. Johan Verdoner van
Cabaretakademie las in die tijd wat teksten van me door en gaf het
advies met schrijven op te houden. Maar onder de strenge leiding
van George is het toch wat geworden, zegt men. Al is het opperhoofd
van Donquishocking geen cent milder in zijn oordeel geworden. Onlangs
zond ik hem vol verwachting een koddig tekstje waarop zijn commentaar
luidde: 'Volkomen onbruikbaar, op de volgende regels na: 'U geeft
uw kind toch ook geen kitsch ouders/ of tenminste niet zo vaak/
maar met pony's bederft u wel doodleuk/ uw oogappel zijn smaak.'
Zo'n lied neem ik zelf op het programma.
Er wordt van een tekstschrijver nogal wat afgewezen. We hadden voor
het programma Afscheidstournee I bedacht dat ik heel goed een conference
over het weer in het algemeen zou kunnen schrijven. Dat lokte me
wel aan en na drie weken had ik acht bladzijden stikvol grappen
over het weer. Echt leuke grappen dacht ik. Niemand lachte zich
op de daaropvolgende vergadering een ongeluk toen ik het lachsucces
voorlas. Fred keek bedenkelijk, Ank begon onder haar oksels te zweten,
George luisterde niet eens, alleen Jacques, de geheimschrijver van
het gezelschap, zat stil te schrijven. Later merkte ik toen het
stuk unaniem was afgewezen, dat Jacques de grappen eruit gebruikt
had voor het schitterende tragi-komische Kroonenberg, een scene
waarin een overspannen ondernemer zijn tentje opzet in de spreekkamer
van een der psychiaters van de inrichting. Verbluffend hoe geestig
mijn grappen in deze nieuwe omgeving werden. Genieën kunnen scheppen,
wij talenten moeten woekeren.
Op bijeenkomsten ter voorbereiding van een nieuw programma hebben
we soms de wildste ideeën. Zo wilde Fred dit keer met alle geweld
een nummer in in hebben dat het publiek ervan moest overtuigen dat
in elke aansteker een miniscuul ventje zit dat telkens razendsnel
een lucifertje aansteekt als u dit nuttige apparaatje gebruikt.
Dat idee heb ik tot in de details uit moeten werken, maar het vond
geen genade in George zijn ogen: hij vond 't te leuk. Dat van die
aansteker hoor u dus nog wel een keer als u naar mijn solo-programma
komt kijken.
tekst: Hans Dorrestijn