

ARTHUR UMBGROVE - 100 helden
Arthurs cabarock met een boodschap
Door Michiel Straub,
eerder verschenen in De Dordtenaar
Zijn stijl is cabarock; een nieuw genre, een mix van cabaret en rockmuziek. Niet met een doorleefde stem van een aan drank, drugs of sigaretten verslaafde zanger, maar wel mooi. Heel mooi. Gisteren trad Arthur Umbgrove samen met pianist Alberto Klein Goldewijk op in theater De Willem in Papendrecht met het programma '100 Helden'.
Zoals gezegd een mengeling van cabaret en rockmuziek. Muziek die absoluut verder gaat dan de meeste popsongs. De teksten, soms venijnig, in elk geval vaak pijnlijk waar. Het nummer 'Zand' gaat over dromen die voorbijgaan. ,,Je droomde van New York, maar het werd Heerhugowaard.'' En: ,,Je droomde van een revolutie, maar het werd een ijzeren gordijn.''
Veel van zijn nummers gaan over jongensdromen die uiteindelijk niet uit zullen komen. In 'Bart, Tom en ik' staat Umbgrove met zijn twee vrienden op vrijdagmiddag na school langs de N5 te liften naar Parijs; een stad die ze nooit zullen halen. Zelfs Brussel en Antwerpen lijken te ver weg. Uiteindelijk is het de vader van Bart die de jongens langs de weg oppikt. ,,Nou ja, er is toch geen zak te doen in Breda.''
De thema's die Umbgrove aansnijdt zijn niet nieuw. Nee, zelfs al veel vaker gedaan. Maar de draai die hij aan zijn liedjes geeft, maakt het juist zo origineel en zijn vaak doordrenkt van zelfspot en hypocrisie. ,,Ik geloof niet in onrecht, maar een zwerver moet opzij, ik geloof niet in ambitie, maar loop iedereen voorbij.''
Umbgrove is overigens ook niet vies van een boodschap. Hij vervloekt het new-age-gewauwel; de nieuwe leiders in jurken van eco-katoen lezen niet in de bijbel, maar de toekomst in een hand. Ze zien dat je misbruikt bent in de sterren en hun stand. Hij schopt tegen onrecht, tegen racisme, om daarna plotseling toch te veranderen in de lieve huisvader en romanticus die zijn vorig jaar geboren tweeling bezingt in 'Augustus'.
Ooit begon Umbgrove als stand-up comedian, maar hij kwam er al snel achter dat de boodschap meer in zijn muziek zat. Maar oude liefde roest nu eenmaal niet. Zijn cabareteske intermezzo's zijn dan ook vermakelijk. Toegegeven, de een beter dan de ander, maar altijd gevoelig of humoristisch. Terwijl de virtuoos spelende Klein Goldewijk een gevoelige solo speelt, is het de gsm van Umbgrove die afgaat en een gesprek met zijn vrouw begint. De pianist wordt zelfs gemaand zachter te spelen, omdat de verbinding niet al te best is. ,,Nee hoor schat, je bent niet dikker geworden na de bevalling. Het vet zit alleen anders verdeeld.''
Ronduit ontroerend is '100 Helden'; een ode aan zijn grootvader die tijdens de Tweede Wereldoorlog een held was, maar die dat zelf niet zo zag. ,,In ieders leven zijn honderd helden, van wie niemand het bestaan weet.''
Sinds gisteravond heeft Papendrecht er twee echte helden bij: Arthur en Alberto. Jammer dat de zaal nog niet voor de helft was gevuld. Ze verdienden meer. Veel meer.