www.zwartekat.nl - Verzamelpunt voor cabaret en stand-up comedy

René M. Broeders

Richard Groenendijk

Vanavond is de laatste voorstelling van het programma Gluur van Richard Groenendijk en dus fiets ik naar Theater Zuidplein. Lekker door de Maastunnel, dat is altijd een belevenis want er heerst een sinistere sfeer door de kilte in de tegelgang en druppelende plafonds. Als je je fiets overdreven stuntelig op de houten roltrap zet (proberen!), staat er meteen een in Melkert-blauw gestoken banenpooler aan je zijde, die een helpende hand uitsteekt. Dezelfde die me ook een keer onderaan stond op te wachten om te zeggen dat mijn hond niet op de roltrap had gemogen. Mijn verweer dat ik dat beest speciaal geleerd heb hoe het zich op de roltrap moet gedragen hielp niet en mijn demonstratie dat de hond het ook zelfs nog in tegengestelde richting kon maakte de man vreemd genoeg woest. En dan is het met mij slecht discussiëren. Maar goed, deze maal verloopt de reis vreedzaam en ik ben in no time bij de kassa.

Nu moet ik bekennen dat ik me niet helemaal op mijn gemak voel; ik was destijds ook bij de première van Richard´s programma aanwezig. Ik ben toen in de pauze vertrokken en heb thuis meteen een vals-nichterige fax gestuurd naar zijn impresaria met puntsgewijze ongezouten kritiek op het gebodene. Dat kwam vooral omdat ik met haar een aanvaring had, omdat ze samen met de rest van de Cameretten-jury alle festivaldeelnemers met de grond gelijk maakte. Zowel de fax als mijn vertrek zijn een geheel eigen leven gaan leiden. Ik zie het A4-tje nog wel eens ergens op een prikbordje hangen en iedereen die het ooit gehoord heeft denkt dat Richard en ik vijanden voor het leven zijn, maar we dronken al lang weer een cappuccino samen.

Nu wil ik vanavond dus nog eens kijken hoe de inmiddels ruim ingespeelde voorstelling geworden is en hoe een en ander op mij overkomt als ik wel goed geluimd ben. Maar dat hoeft niet iedereen meteen te zien natuurlijk en ik heb het ook Richard niet laten weten, dat komt achteraf wel. Ik plant mijn fiets aan een paal en kijk voorzichtig om de hoek, de kust bij de kassa lijkt veilig en ik koop mijn kaartje (deze keer geen chique vrijkaartje meer natuurlijk). Maar als ik in de rij sta, grapt er al meteen iemand achter me: `Zo, kom je nu het deel na de pauze bekijken?` en binnen 2 minuten heb ik twintig bekenden gezien, geen wonder ook, bij de feestelijke laatste voorstelling. Als ik dan in een nog rustige zaal alvast mijn plekje opzoek spreekt een feestelijk geklede mevrouw mij aan: `Ken je me nog wel, ik ben de moeder van Richard, ik lees je stukjes op Zwartekat altijd`.

Aan het talent van Richard heb ik nooit getwijfeld, ook tijdens de première niet trouwens. Ook nu wordt weer bewezen dat hij op en top theaterman is, die kan zingen, die weet wat er in de zaal gebeurt en die er staat omdat hij ons iets wil zeggen. Het lijkt wel of hij zich alles uit mijn faxje heeft aangetrokken, want er is nogal wat veranderd. Er zit nu een echte pianist, die gepassioneerd begeleid en daardoor de liedjes op zijn plaats laat vallen. Het licht is veel mooier, er zijn geen ouderwetse cirkeltjes meer waarin een typetje wordt gedaan. Dat is ook helemaal niet nodig, want Richards types zijn zo sterk, dat de subtiele lichtwisseling die nu wordt toegepast de personnages net genoeg accentueert om de sfeer van de voorstelling te laten meeveranderen. Er is ook veel meer rust, Richard lijkt in balans en hoewel hij zichzelf in de voorstelling nog steeds veel vaker relativeert dan nodig is, lijkt hij er steviger te staan dan ooit. Ook aan de teksten is geslepen, veel ruis is eruit en ik merk dat ik steeds verrast wordt door de intelligentie ervan. Dat komt niet door mijn onderschatting van het IQ van de cabaretier in kwestie, maar waarschijnlijk door mijn vooroordelen over typetjes-cabaret, dan ben ik eenvoudigweg niet ingesteld op slimmigheid.

Er zijn drie momenten in de voorstelling die mij echt raken. De monoloog van de prostituée lijkt in eerste instantie plat, maar als het misbruik in haar jeugd wordt gekoppeld aan haar hoerenwerk komen twee cliché-thema's toch op originele wijze samen: `ik blijf mijn hele leven hopen, dat als mijn klant klaarkomt en ik in zijn ogen kijk, dat ik dan één keer niet de ogen van mijn vader zie`. Prachtig.

Het tweede moment is de monoloog van Adèle Bloemendaal. Wat een mooie imitatie, die vooral in de tekst echt helemaal klopt. Ze staat er gewoon.

Het derde moment is de finale van de voorstelling, maar dat komt ook omdat Richard dan een van mijn favoriete kleinkunstliederen zingt: Tussen denken en gevoel, ooit gezongen door Bart Stultiens (hoe zou het toch met hem zijn) en te vinden op de cd 25 jaar Cameretten.

Nu lijkt dit stukje natuurlijk een soort goedmakertje, maar er zijn genoeg passages in de voorstelling die ver buiten mijn persoonlijke smaak liggen en er valt door mij nog genoeg te zeiken over van alles, maar dat ga ik niet hier doen. Daarvoor ga ik weer een vrolijke cappuccino drinken met Richard. Want op een terrasje kun je met hem lachen en daarom is al vaak tegen hem gezegd, dat hij het leukst is als hij gewoon verhalen vertelt. In zijn volgende programma zullen dan ook minder typetjes zitten en wordt het persoonlijker. Ik zal er zijn, niet bij de première maar ergens onderweg. En ik betaal gewoon mijn kaartje.

Al verspeel ik daarmee ook de mogelijkheid een hapje mee te eten van het door moeder Groenendijk gemaakte buffet, het is nu al legendarisch. Bij de première miste ik het al en nu dus weer, want ik ben na afloop meteen weer teruggefietst. Dit keer over de Erasmusbrug. Heel symbolisch ook: de heenweg stiekem door de tunnel en nu bevrijd en opgelucht over de open brug met vrij uitzicht over de stad. En terwijl ik met honger naar bed ga (net als vroeger, dat is de straf) prikt men in het Zuidpleintheater een vrolijk vorkje weg. Eigen schuld.

reageer


René M. Broeders is vaste presentator van Cameretten en oprichter en artistiek leider van Op Sterk Water.