www.zwartekat.nl - Verzamelpunt voor cabaret en stand-up comedy

René M. Broeders

Het Groninger Studenten Cabaret Festival

In een propvolle stadsschouwburg gaat de vijftiende editie van het festival een kwartiertje later van start dan gepland, maar we worden ondertussen vermaakt door een dj die op het podium 'vette' muziek draait.

Presentator Patrick Stoof is in een leuk pak gestoken, hij leidt ons op vriendelijke wijze door de avond heen, maar ook niet meer dan dat. Het lijkt alsof hij de deelnemers helemaal niet gesproken heeft, want hij leest ons slechts een stukje voor uit het programmaboekje. Nou hoeft hij ook geen sfeer te maken, want die is er al: het publiek zal vanavond lachen om alles en trapt massaal in elk door geraffineerde regie aangebrachte theatertrucje. We krijgen vier voorstellingen voorgeschoteld: een supertalent, een nooit eerder vertoonde en perfect uitgewerkte formule en twee lege hulzen die niet eens van stevig brons of koper zijn, maar van smakeloos en flinterdun pakpapier.

Het supertalent is het gastoptreden na de pauze: Jan Jaap van der Wal laat zien hoe het moet. Zonder franje staat hij snipverkouden (misschien zelfs wel doodziek) op het podium en speelt een aantal fragmenten uit zijn voorstelling 'Out Now!'. Schaamteloos benoemt hij de harde overgangen en uit de context gerukte zinnen die er zijn omdat hij niet het hele programma speelt. Hij snuift het snot naar binnen, maar houdt het één keer toch niet geheel in de neus en gaat dan gewoon een minuutje af om eens goed te snuiten. Maar leuk dat hij is! Elke zin die hij zegt komt aan, elke grap scoort. Inhoudelijk is het niet eens heel bijzonder, hoewel zijn taalgebruik intelligent is en er regelmatig originele redeneringen voorbij komen. Maar die jongen is zo grappig dat de tijd omvliegt, iets dat voor de pauze nou niet bepaald het geval is.

Wel bij de eerste act hoor, daar zit ik op het puntje van mijn stoel (dat moet sowieso, want ik zit helemaal aan de zijkant van het tweede balkon en anders zie je het podium niet). Delfts Blok toont een voorstelling die voor het eerst helemaal klaar lijkt te zijn. Het levert ze vanavond dan ook de eerste prijs op. Ik heb ze de afgelopen jaren aardig gevolgd en volgens mij is dit optreden strakker dan ooit, al zitten er wel een paar stevige dippen in en heb ik een aantal leuke scènes node gemist. Waar is bijvoorbeeld het Erwtensoep-lied en de leuke grafrede van Andries? In plaats daarvan krijgen we een Ouddorper voorgeschoteld die in de volkstaal een project voor asielzoekers aanprijst (als ik het helemaal begrepen heb), en dat vind ik geen sterk stuk. Ook het geforceerde engagement had van mij niet gehoeven: het openen van een poederbrief is flauw en een correspondent op locatie is al zo vaak gedaan, had dat er nou in ieder geval uitgehaald omdat een collega act dat die avond ook al doet (nee, zij kunnen het niet schrappen, want zij kunnen niets anders). Maar er staat zoveel leuks tegenover: het preludium in de vorm van een lied over kantoorartikelen zet meteen de sfeer, daarna is er de indrukwekkende opkomst van twaalf mannen in pak, de Per Seconde Wijzer parodie is nu echt hilarisch (ik heb de pointe in een eerdere column flauw genoemd, die is nu weg, al is er jammer genoeg helemaal geen ontknoping meer). De scène over de pedoseksueel valt precies op zijn plaats en aan het eind van de voorstelling wordt hier slim naar teruggegrepen.
Het lied over de Cubaan is strak en simpel maar mooi gechoreografeerd en de chatscène beter dan ooit. Delfts Blok voert hun morbide en confronterende vorm van humor verder door en laat daardoor een geheel eigen theatervorm zien. Die ontstaat natuurlijk ook door de formule om twaalf mannen op een podium te zetten. Daarvan is eigenlijk maar een enkeling een theaterpersoonlijkheid, maar dat geeft in dit geval helemaal niks, omdat iedereen de rol krijgt toebedeeld waar hij goed in is. En de vorm en inhoud zijn sterk genoeg om als publiek overrompelend te worden vermaakt. Ik proef in de voorstelling sterk de hand van regisseur Pim van Alten, het is eigenlijk zijn cursusgroep van de Delftse Komedie. Dat hij dit uit voor het merendeel volslagen amateurs naar boven weet te krijgen verdient respect, cabaret-Nederland zal in de toekomst voor een uurtje hulp bij hem in de rij staan.

Renee van Bavel vindt zichzelf duidelijk een gekke meid en zo heeft ze zich dan ook gekleed. Ze schrijft in haar aankondiging dat ze op zoek is naar haar identiteit, maar die kan ze volgens mij moeiteloos vinden in tientallen meisjes-cabaretiers die haar met de vorm en inhoud (nou ja, het ontbreken ervan) van haar programma voorgingen. Waarschijnlijk heeft nooit iemand haar kunnen duidelijk maken waar ze nou echt goed in is, al schemert dat tijdens de voorstelling af en toe heel eventjes door. Ze kan prachtig zingen, maar dat doet ze maar heel kort: een keer tijdens een gevoelig nummer, waarvan de tekst op geen enkele manier te volgen is en waarbij haar eigen magere pianobegeleiding haar in de weg zit; ze moet steeds even naar het basloopje kijken, waardoor ze in de dictie hapert - zet de muziek nou op een md dan kun je gewoon lekker zingen. De andere keer zingt ze vier regels uit een Ave Maria, maar dan lijkt het slechts een demonstratie van haar kunnen. Verder doet ze een monoloog waarin ze een simpel meisje speelt dat door een grote groep jongens is misbruikt. Daar vind ik haar grappig en weet ze me ook te ontroeren door het treffende spel en de sprekende beelden. Maar verder is het inhoudsloos en vooral veel te overdreven gespeeld. Het is heel erg geregisseerd, waardoor we kijken naar een kunstje. Ze doet precies wat ze met zichzelf en haar regisseur Anita Uitde Haag heeft afgesproken, maar dat zie je ook zo duidelijk, dat alles ongeloofwaardig wordt. Toch wordt er hard en veel gelachen en wint ze de publieksprijs, iets waar mijn verstand bij stil staat die avond. Ik heb blijkbaar iets gemist. Misschien omdat ik er maar steeds aan zit te denken dat Frank Verhallen vanavond in de jury zit en dat dat niet alleen de directeur is van de kleinkunstopleiding van het Koningstheater waar Renee student is, maar ook nog de man van haar regisseuse. Dat wil niet zeggen dat ik op voorhand twijfel aan de integriteit van welk jurylid dan ook, maar enige openheid over hoe ze met deze nogal verstrengelde belangen omgaan kan toch geen kwaad. Daar hebben ook de afvallers en degenen die niet in de prijzen vallen recht op vind ik. Als ze aan het eind van de avond de persoonlijkheidsprijs in ontvangst neemt staan mijn haren overeind van onbegrip en plaatsvervangende schaamte, want daar staat een ongemakkelijk meisje op het podium die stamelend mensen gaat bedanken maar geen enkele pure blijheid uitstraalt. Ze maakt ons van allerlei eigenschappen deelgenoot, behalve van die van een persoonlijkheid.

De derde act, Schering en Inslag (Joris van Wijk, Edo Berger, Thijs Niemantsverdriet), laat zien dat een stevige regie een hoop kan doen maar niks kan redden. Als Natascha Emanuels dit varkentje heeft gewassen tijdens het workshopweekend dan heb ik daar veel respect voor. Ik zag de drie heren namelijk ook tijdens de tournee van het Amsterdams Kleinkunst Festival en waar het programma daar nog rommelig was en amateuristisch oogde is het hier gelikt en gestructureerd. Verschillende scènes zijn in stukken geknipt om een rode draad te veinzen. Waar de heren eerst nog regelmatig ongemakkelijk op het podium stonden te wachten omdat een ander een solo-tekstje had, is alles nu keurig gezet en wordt ook het podium in zijn geheel gebruikt. Maar dat helpt natuurlijk allemaal niks. Daar staan ze dan in hun niet op elkaar afgestemde broeken en Zeeman t-shirts: drie onsympathiekelingen die ons niets, maar dan ook helemaal niets te melden hebben. Theatraal zijn ze totaal oninteressant, ze kunnen niet zingen en proberen dat toch de hele tijd (ze doen een klein stukje a capella en als de piano invalt zijn ze ruim een halve toon gezakt). Hun ideeën zijn al zo vaak gedaan (de correspondent, de boyband, het lied over de homo, de communicatiegoeroe, diarree en natuurlijk veel seks) en zijn gespeend van elke originaliteit. Na afloop weten we niet wie de jongens zijn en waar ze voor staan. Er is ook geen communicatie tussen de drie, maar des te meer tussen de pianist en de act, want dat hebben ze wel voor elkaar: Jasper Rebel zet een stevige en virtuose muzikale basis neer op piano en basgitaar en ontpopt zich als perfecte begeleider. Als de jongens in het lied over de bouwvakker hun mouwtjes oprollen en hun niet onverdienstelijke spierballen tonen mag dat, zelfs bij mij, al lang niet meer baten, ik vind mijn sms-jes dan al vele malen interessanter. Ik kan de heren alleen maar aanbevelen de neergaande lijn in activiteiten voort te zetten; na deelname aan het Amsterdams Kleinkunst Festival volgde Groningen. Dus op naar de Wehkamp cabaretprijs in Zwolle zou ik zeggen.

Jury-voorzitter Jan Gras maakt op sympathieke wijze het standpunt en de uitslag van de jury bekend. Hij leest geen gelikt verhaal voor, maar vertelt losjes wat de beweegredenen voor het toekennen van de prijzen zijn. Hij is positief en opbouwend en zo hoort dat ook. Toch heb ik twijfels bij de keuze van de finalisten en daarom baal ik ervan dat ik geen voorronde heb gezien om echt te kunnen oordelen. Het programma van afvallers Anne Jan en Sofie ken ik van Cameretten en dat lijkt me inhoudelijk moeiteloos te kunnen wedijveren met de 2e en 3e deelnemer van vanavond. Maar ik heb het niet gezien tijdens dit festival dus geen poot om op te staan.

Waar ik nog een groot compliment voor móet maken is de vormgeving van het festival. Het programmaboekje, de aankleding van de schouwburg én de medewerkers, alles is perfect op elkaar afgestemd. Maar hoogtepunt is een groot projectiescherm in het décor, waar in de vorm van een cirkelmatrix teksten en gekleurde vormen kunnen worden weergegeven. Daar blijft het niet alleen bij het laten scrollen van namen en programmatitels, daar verschijnen ook tijdens de programma's van de deelnemers pictogrammen die de inhoud ondersteunen. Heel mooi gemaakt!

Na afloop barst een bruisend feest los in de foyer van de prachtige schouwburg. Maar wij zoeken een rustiger oord op en storten ons op tijgernootjes en taco's in een rustig Gronings café, waar we over de belangrijke dingen in het leven praten. Dus niet over cabaret.

reageer


René M. Broeders is vaste presentator van Cameretten en oprichter en artistiek leider van Op Sterk Water.