www.zwartekat.nl - Verzamelpunt voor cabaret en stand-up comedy
nieuws  voorpagina | archief | volg ons via twitter.com/zwartekat Instagram Spotify Twitter Facebook Youtube
Nieuws

Was Meyer Olman de geheime componist van ‘Mens durf te leven’?

‘Mens durf te leven’ is mischien wel hét cabaretlied. Honderd jaar na de eerste opvoering wordt het lied nog steeds opgevoerd. Zo brengt Wende Snijders het lied in haar nieuwe programma ‘Mens’. Tekst en muziek van ‘Mens durf te leven’ zijn van Dirk Witte. Dat wist elke liefhebber. Maar klopt dat wel? Een gastbijdrage van Dirk Witte-kenner Co Rol.


Honderd jaar geleden schreef de Zaandamse tekstschrijver/componist Dirk Witte (1885-1932) zijn grootste succesnummer ‘Mens durf te leven’. Het zou min of meer het lijflied worden van het Nederlandse cabaret. Nog altijd nemen nieuwe artiesten dit krachtige pleidooi voor het zelf kiezen van de levensweg op hun repertoire. Van Witte is bekend gebleven dat hij van zijn liedjes niet alleen de tekst schreef, maar ook de muziek. Toch is dat bij ‘Mens durf te leven’ niet helemaal zeker.


Links: Meyer Olman (1871-1945)
Rechts: Dirk Witte (1885-1932)

Onmiddellijk na hun huwelijk op 26 juli 1917 gingen Dirk Witte en Jet Witte-Looman wonen in een bovenhuis aan de Zaandamse Botenmakersstraat. Maar al gauw werd het Jet, dochter van een schatrijke commissionair-in-ruste, daar te benauwd. Verwend als ze was (én gewend aan groot wonen) kon ze niet aarden in het burgerlijke milieu van het toenmalige Zaandam. Ze kreeg heimwee naar Bussum, waar zij een volstrekt onbezorgd leventje had geleid. In het Zaanse echter kreeg ze te maken met ernstig in het leven staande schoonouders die haar juist door die aan zorgeloosheid grenzende luchthartigheid niet bepaald als de ideale echtgenote van hun zoon zagen. De Wittes waren bovendien zeer standsbewust. En waar Dirk door zijn werk bij houthandel William Pont, waar hij een topfunctie had, inmiddels genoeg van het leven had gezien om standsverschillen te willen (en kunnen) overbruggen, was dat voor zijn ouders kennelijk ‘een brug te ver’.

Het voortduren van de Eerste Wereldoorlog betekende voor de houthandel een ramp. Door de blokkade van de Oostzee en de Russische Revolutie van 1917 (het meeste hout kwam uit de Scandinavische landen en Rusland) liep er bijna geen schip meer de Zaandamse haven binnen. Voor Dirk was er nóg een blokkade. Bij een bedrijf als William Pont werden alle functies op directieniveau bekleed door familieleden van de oprichter: zonen, schoonzonen, zonen van zonen etc. Dat betekende dat talentrijke medewerkers, hoe goed ze ook waren, nooit tot de absolute top konden doorgroeien. Sterker nog: er waren zelfs rechtstreekse afstammelingen van de oude William die jarenlang in de ‘wachtkamer’ moesten doorbrengen.

Deze onzekere omstandigheden brachten Dirk ertoe ernstig te overwegen de bakens te verzetten. In de herfst van 1917 had hij daarom een lang gesprek met topcabaretier Jean Louis Pisuisse, die veel van zijn liedjes beroemd had gemaakt. Tijdens dat onderhoud werd uitvoerig de mogelijkheid besproken dat Dirk de zakelijke directeur zou worden van de nv Intiem Theater Pisuisse. Swiep, zoals vrienden hem noemden, had er echter veel overtuigingskracht voor nodig om Dirk over de streep te trekken. Die wilde wel, maar durfde de sprong in het diepe eigenlijk niet aan.
Tijdens dat lange gesprek zei Pisuisse op een gegeven moment dat Dirk er goed aan zou doen te kiezen voor wat zijn hart hem ingaf en dat hij niet altijd het avontuur uit de weg moest gaan. Hij (Pisuisse) en pianist Max Blokzijl hadden toch ook met veel succes de stap gemaakt van de journalistiek naar het theater? ‘Leven is een kwestie van dúrven, Dirk! Schrijf dáár nou eens een lied over. Een krachtig lied, dat bruist van de wil om alles uit het leven te halen wat erin zit. Een lied dat ik vol overgave kan zingen, als een hartenkreet. En misschien overtuig je daarmee ook jezelf!’

Thuis, bij zijn Jet, hoefde Dirk niet bang te zijn voor tegenwerpingen. De naïeve, in weelde opgegroeide vrouw bewonderde haar man om zijn artistieke gaven en vond het alleen maar prachtig dat hij zich volledig aan de kunst ging wijden. Wellicht was zij uiteindelijk zelfs de stimulerende kracht achter zijn besluit om ‘ja’ te zeggen tegen Pisuisse. Maar zo ver wass het nog niet.
Zo zag Dirk zich aan de vooravond van een nieuwe levensfase-vol-onzekerheden gesteld voor de opgave een lied te (moeten) schrijven als een pleidooi tegen het risicoloze burgermansbestaan. Hij kwam er niet uit. Vooral met die krachtige melodie wilde het maar niet vlotten. Min of meer ten einde raad deed Dirk toen iets wat hij nog nooit had gedaan. Hij, de man die altijd zelf voor tekst én muziek van zijn liedjes had gezorgd, ging naar de artiestenbeurs in café De Kroon op het Rembrandtplein en vroeg daar of iemand een componist kende die hem wilde helpen. Zo kwam hij in contact met Meyer Olman, een Rotterdamse pianist/dirigent/orkestleider, die diverse koren leidde, revues schreef, jurywerk deed en regelmatig muziek leverde bij teksten van komieken als Albert Bol. Kortom, Olman was een van de vele muzikaal geschoolden die in het artiestenvak van alles aanpakten om aan de kost te komen. Hem legde Witte zijn probleem voor en Olman zegde toe zijn best te doen.

Een week later had Olman de muziek klaar. Witte was enthousiast, maar liet dat niet al te zeer blijken: hij betaalde Olman het afgesproken bedrag van vijfentwintig gulden (nu zo’n tweehonderd euro) en daarmee was de kous af. Voortaan zou hij zelf als de componist van het lied doorgaan. Het doel was bereikt: Pisuisse heeft wellicht nooit geweten dat de muziek niet uit de pen van Witte kwam. Overal waar hij het nummer zong, was het publiek laaiend enthousiast.

“Je leeft maar heel kort, maar een enkelen keer
En als je straks anders wilt, kun je niet meer! Mensch, durf te leven! Vraag niet elken dag van je korte bestaan: Hoe hebben m’n pa en m’n grootpa gedaan? Hoe doet er m’n neef en hoe doet er m’n vrind? En wie weet, hoe of dat nou m’n buurman weer vindt? En – wat heeft ‘Het Fatsoen’ voorgeschreven? Mensch, durf te leven!”

MENSCH, DURF TE LEVEN (1917)

Ter verklaring:

Dit relaas (half feit, half fictie) is deels gebaseerd op de mededelingen van een van Olman’s kleinkinderen, Mieke Bloemendal-Olman. Zij is de weduwe van Philip Bloemendal, de historische ’stem’ van het Polygoon-journaal. Mieke vertelde: ‘Mijn moeder kon goed piano spelen en in de jaren vijftig begeleidde zij zichzelf, mijn zusje en mij tijdens ons bijna dagelijkse uurtje zingen. De bladmuziek uit die tijd heb ik nog. In een dikke bundel zit onder andere het Dirk Witte Album, een keus uit de beste liedjes van deze pionier der Nederlandse kleinkunst. Een van de pareltjes uit dat album is Mensch, durf te leven. Mijn moeder vertelde ons in die jaren steevast, vaak zelfs nog wat ontroerd, dat opa, die wij nooit bewust gekend hebben doordat wij als joods gezin tijdens de oorlog waren ondergedoken, de muziek van dat lied had gecomponeerd, maar dat hij de rechten had verkocht aan Dirk Witte. Waarom? Mijn grootvader had het als musicus met een groot gezin niet gemakkelijk, dus alles wat hij kon verdienen pakte hij aan. Er moest tenslotte brood op de plank komen. Hij verkocht de muziek aan Witte en ze spraken af dat niet zou worden vermeld wie de eigenlijke componist was.’

Een opzienbarende mededeling. Want anders dan bij Louis Davids, van wie bekend was dat Jacques van Tol zijn ‘spookschrijver’ was, gold Witte tot nu toe als de man die zelf tekst en muziek schreef van zijn liedjes. Sterker nog: hij schreef ook de muziek voor liedjes van anderen, zoals Ed. Coenraads. En was zeker in één geval eerlijk genoeg om te vermelden dat het idee voor een liedje (Annètje) niet origineel was.

Toch is het niet ondenkbaar dat Witte juist eind 1917 is bezweken voor de verleiding om iets te kopen. Voorafgaande aan zijn besluit om de nv Intiem Theater Pisuisse zakelijk te gaan leiden, heeft hij daadwerkelijk lang geaarzeld. Hij moest immers zijn zekerheid bij William Pont opgeven in ruil voor het avontuur bij Swiep. Die zou hem de woorden ‘Mens, durf te leven’ op enig moment zelfs in de mond gelegd kunnen hebben.

Een ‘hard bewijs’ voor Olman’s aandeel in ‘Mens, durf te leven’ (de muziek is zeker zo belangrijk als de tekst) is na zoveel jaar natuurlijk niet meer te leveren. Het verhaal van Mieke Bloemendal werd wel bevestigd door haar nicht Trix Klop-Ivens. Trix’ moeder Kitty was een dochter uit het tweede huwelijk van Meyer Olman en ook bij haar thuis werd vaak met eerbied gesproken over de ‘geheime’ bijdragen (er waren er meer) die opa had geleverd aan de Nederlandse lichte muziek. Onder zijn eigen naam publiceerde Olman muziekstukken als zangspelen, psalmen en operettes, en leverde hij bijdragen aan de bekende voordrachtskunstenaar Albert Bol.

BEGIN 1918, TOEN ‘MENS DURF TE LEVEN’ INMIDDELS DOOR PISUISSE OVERAL MET GROOT SUCCES TEN GEHORE WERD GEBRACHT, NAM DIRK WITTE ONTSLAG BIJ WILLIAM PONT EN TRAD HIJ IN DIENST BIJ DE NV INTIEM THEATER PISUISSE.

Categorie: Divers | Meer over: ,
Over Co Rol