Jacques Klöters
(Jacobus Raymundus Petrus Gerardus Klöters)
Laatste nieuws
al het nieuws over Jacques Klöters
Links
Aanvullende informatie
Biografie
Cabaretier, amusementkenner, programmamaker, biograaf, tekstschrijver, neerlandicus, bibliothecaris, docent en culturele voedselbank.
Geboren in Amsterdam op 16 juli 1946 is hij de middelste in een gezin met drie zonen. In de zeven jaar die hij doorbrengt op het St. Ignatiuscollege wordt hij naar eigen zeggen de geschiedenis in getrokken door de geschiedenislessen van dr. P.F.M. Fontaine. Aan het einde van zijn leertraject behaalt hij een 10 op zijn eindexamenlijst.
Eerst start hij in 1965 met een studie Nederlands (MO-Nederlands aan de Universiteit van Amsterdam), want dat lijkt hem een aantrekkelijk milieu van mensen die veel lazen en wilden schrijven. Daar ziet hij een oproep aan eerstejaars om aan cabaret te doen en zo ontmoet hij George en Anke Groot en Pieter van Empelen. Fred Florusse sluit zich later bij de groep aan en Don Quishocking is geboren. In die tijd lopen er nog anderen rond op de universiteit die later een rol zullen krijgen binnen het cabaret, zoals Hans Dorrestijn, regisseur Jop Pannekoek, Ivo de Wijs en Pieter Niewint. Ook Freek de Jonge komt af en toe opdagen bij een college.
Don Quishocking maakt in 1967 het eerste programma en in 1968 wint de groep Cameretten. Ze vallen op door de literaire teksten en goede samenzang. De teksten zijn deels afkomstig van auteurs als Jan Boerstoel (ontdekt door Klöters), Willem Wilmink, Hans Dorrestijn en Drs P. In totaal maken ze acht voorstellingen totdat de groep uiteenvalt in 1981. De groep wint meerdere prijzen, waaronder de Louis Davids-prijs voor het lied ‘De oude school’, de Zilveren Harp en een Edison. In 1985 en 1987 volgen er twee programma’s in iets gewijzigde samenstelling onder de naam VDQS (Voorheen Don Quishocking) en in 2001 is er een laatste voorstelling ‘I fossili’ als De Heren van Don Quishocking.
Drie cabaretoptredens per week combineert Klöters vanaf 1970 met zijn werk als bibliothecaris bij het Toneelmuseum (later het Nederlands Theater Instituut). Hij is verantwoordelijk voor de afdeling theateramusement (kleinkunst, cabaret, revue, musical, variété, circus en goochelen), beheert de kleinkunstbibliotheek (die mede door hemzelf is opgericht op de zolder van het instituut) en helpt studenten, journalisten, biografen, programmamakers en oud-artiesten bij het zoeken naar boeken, scriptiemateriaal, bladmuziek en zangrepertoire. Daar start hij ook met zijn historisch onderzoek naar de geschiedenis van het amusement. Ook werkt hij mee met het bedenken, voorbereiden en samenstellen van diverse tentoonstellingen, zoals de tentoonstelling over Wim Sonneveld in 1974, de kermistentoonstelling, de tentoonstelling Berlijn-Amsterdam (over de kruisbestuiving tussen Duitse en Nederlandse kunstenaars in de jaren twintig en dertig) en een tentoonstelling over Annie M.G. Schmidt. Ook houdt hij zich bezig met het werven voor de collectie. Zo weet hij de bijzondere kleinkunstverzameling van Alex de Haas binnen te halen.
In 1971 start hij bovendien als docent op de Akademie voor Kleinkunst, waar hij een uur per week geschiedenis van het amusement doceert en leerlingen helpt bij het zoeken van zangrepertoire. Onder zijn latere leerlingen bevinden zich Arjan Ederveen, Kees Prins, Karin Bloemen en Simone Kleinsma.
Drie banen combinerend start hij in oktober 1971 een volgende carrière als radiomaker. Vanuit Amsterdam levert hij culturele bijdragen aan het Brusselse radioprogramma Splinternieuws. Enkele jaren later is hij samen met Theo Stokkink de samensteller van het programma ‘Babel/satire’. Voor een uitzending over de Amerikaanse comedian Lenny Bruce, vertaalt Klöters zijn teksten, uitgevoerd door Frits Lambrechts, Marnix Kappers, Hans Veerman en Henk Terlingen.
In 1976 maakt hij voor de KRO het wekelijkse radioprogramma ‘Dr. Grol en de internationale lol’. Klöters omschrijft het later als “mijn leerjaren op de radio, iedere week een totaal ander soort uitzending, met veel gedoe, veel tijdrovende montages – er was toen nog geld bij de radio – en vooral veel plezier. Maar ik werd bij mijn leidinggevende Gerard Hulshof geroepen en die zei: herkenbaarheid, herkenbaarheid, herkenbaarheid. Daar moeten we naar streven. Horizontale programmering, dat de mensen ieder uur weten wat ze kunnen verwachten. Mijn programma voldeed daar niet aan en werd dus opgeheven.”
In de jaren daarna levert hij bijdragen aan programma’s als NOS Cultuur met specials over Duits cabaret in de jaren twintig en dertig en over comedy in de Verenigde Staten. Deze interesses uiten zich later ook in voorstellingen als de Nelson Revue ’82 (1982), ‘Kaltes Grauen’ (1985) over Erika Manns Pfeffermühle en ‘The Dutch Black and White Minstrel Show’ (1985), waar hij samensteller van is, teksten voor schrijft en ook in meespeelt.
In het voorjaar van 1985 is hij de maker van de zesdelige radiodocumentaire ‘Door de nacht klinkt een lied’. Deze serie belicht hoe het amusement gedurende de Tweede Wereldoorlog gewoon doorging, of er sprake was van verzet of collaboratie, waar men om lachte en over zong, en hoe het met de verschillende artiesten afliep. Het programma bevat onder andere interviews met overlevenden en oude geluidsopnamen. Klöters werkt daarvoor intensief samen met geluidstechnicus Beer Gertenbach. Voor het programma krijgt hij de Zilveren Reissmicrofoon, de prijs voor het beste radioprogramma van het jaar. De serie krijgt een vervolg als boek, geschreven samen met Henk van Gelder. Dit boek geldt nog steeds als één van de beste boeken over het Nederlands amusement tijdens de Tweede Wereldoorlog.
Naar aanleiding van het honderdjarig bestaan van het theater Carré organiseert het Theaterinstituut een tentoonstelling over honderd jaar amusement en Klöters wordt gevraagd om daar een boek bij te schrijven. Jaren van studie en het afnemen van tientallen interviews met oud-artiesten werpen nu hun vruchten af. Na een jaar schrijven komt in 1987 het boek ‘100 jaar amusement’ uit. Het is een standaardwerk over het Nederlands amusement in een periode met café chantant, variété, circus, revue, cabaret, volkstoneel, het populaire lied en de musical.
Nadien volgt er een reeks bloemlezingen, zoals ‘Ik zou je het liefste in een doosje willen doen’ (met Kick van der Veer), ‘Omdat ik zoveel van je hou’, ‘In die grote stad Zaltbommel’ en ‘Bij ons in de Jordaan’. Ook schrijft hij voor publicaties als Onze Taal en Vrij Nederland.
Tussen 1986 en 1996 is Klöters de presentator van ‘Het Podium van de Lichte Muziek’, een wekelijks programma waarin aandacht voor Nederlandse en Vlaamse kleinkunst, met muziek, cabaret en interviews. In die periode is hij ook betrokken bij het radioprogramma In de Rooie Haan, waar hij meewerkte aan het onderdeel De Stamtafel, met verder Karin Bloemen, Fred Florusse, Jack Gadellaa, Henk Westrus en Letty Osterman. In 1987 krijgt dit radiocabaret zijn eigen uitzendtijd als ‘Het Comité van aanbeveling’. In 1988 wordt In de Rooie Haan en Het Comité van Aanbeveling vervangen door Spijkers met koppen, waar Klöters ook weer aan meewerkt.
In 1995 start hij als de presentator van De Sandwich. Oorspronkelijk met een uur vóór en ná het programma ‘Muziekmozaïek’ van Willem Duys. Vandaar de naam, sandwich. ‘Muziekmozaïek’ wordt later opgevolgd door ‘Mezzo’ en nog veel later door ‘Andermans Veren’. Het programma heeft ook een periode drie uur aaneengesloten geduurd, is verplaatst van omroep én van Radio 2 naar Radio 5. Stabiele factor was altijd presentator Jacques Klöters, die elk uur opent met een gedicht, gevolgd door een zeer gevarieerde muziekkeuze van muzieksamensteller Angelique Stein. Het programma heeft een populaire podcast en oudere afleveringen zijn nu te vinden via de Schatkamer.
In zijn tijd bij Don Quishocking schrijft hij al de nodige teksten, maar door zijn werk in de bibliotheek van het Theaterinstituut heeft hij ook een uitgebreide repertoirekennis opgebouwd. Als in 1981 plots Adèle Bloemendaal voor zijn neus staat is zij op zoek naar bestaand materiaal om uit te voeren. Hoewel ze bekend is geworden met volks repertoire is Bloemendaal zeer belezen en heeft smaak. Ze zoekt kwaliteitsrepertoire. Na een uur samen zoeken, heeft ze er genoeg van en vraagt Klöters het materiaal voor haar bijeen te brengen. Het zal leiden tot een jarenlange samenwerking als sparringspartner en schrijver, waarbij hij ook verantwoordelijk is voor de tekst van haar lijflied ‘De zwarte doos’. Op 5 april 1987, nadat de soms onberekenbare Bloemendaal haar medewerkers opnieuw met een financiële puinhoop had achtergelaten, schrijft hij in zijn dagboek dat hij ooit nog eens een biografie over haar moet schrijven. Zijn boek ‘Aaah! Dèle – herinneringen van haar cabaretpooier’ (zoals ze hem noemde), verschijnt in 2023 en staat vol heerlijke anekdotes.
Hij schrijft teksten voor Karin Bloemen en zijn toenmalige partner Lenette van Dongen. Ook werkt hij samen met Jenny Arean, voor wier solovoorstellingen hij teksten schrijft. Ze kennen elkaar van de musical ‘De Zoon van Louis Davids’ die Klöters in 1983 met Gerben Hellinga schreef en waar Arean de rol van Molly in vertolkte. Een gezamenlijk theaterproject met Bloemendaal en Arean gaat uiteindelijk niet door, maar leidt uiteindelijk wel tot de tv-specials ‘Meisjes in de grote stad’ (1995).
In december 1997 brengen Klöters en Van der Veer de CD-box ‘Ik zou je het liefste in een doosje willen doen’ uit, een eeuw cabaret op CD. Twee jaar later ontvangen de samenstellers de ‘Edison van de eeuw’ uit handen van de ‘Artiest van de eeuw’, Toon Hermans. Het zou het laatste publieke optreden van Hermans worden voor zijn overlijden in april 2000.
De samenwerking met Van der Veer gaat verder. Ze zijn eindredacteur van een serie boeken: de Pluche-reeks bij uitgeverij Nijgh en Van Ditmar, met onder meer teksten van Drs P, Jules de Corte, Lennaert Nijgh, Bram Vermeulen, Guus Vleugel en Paul van Vliet. En ze brengen Andermans Veren naar de televisie, waar het tot verbazing van de omroepbazen al snel een hit bleek te zijn.
In 2010 volgt de biografie van Toon Hermans. “Ik zoek wat buitenlandse liedjes en Kees van Kooten zei dat u daar veel wat weet (..) bent u daar nog?” Het telefoontje in 1989 komt uit de lucht vallen. Toon Hermans was zijn idool uit zijn kinderjaren. En zelf was hij nu als lid van het links-cynische cabaret Don Quishocking toch wat kritischer op zijn versjes. En toch, diezelfde middag spreken ze nog af. Het klikt en ze houden contact. Enkele jaren later interviewt hij Hermans voor een serie programma’s van Bert Haanstra. Na Hermans’ overlijden brengt hij samen met Lisa Wade het verzamelde werk uit als een prachtige CD- en DVD-collectie. In 2010 is het boek klaar. In de loop der jaren bleek Hermans zijn leven steeds mooier te hebben verteld in zijn programma’s en boeken. Voor zijn boek moet Klöters achterhalen wat er nu precies waar is door als een strandjutter objecten, feiten en ooggetuigen te verzamelen. En schetst hij een goed beeld van de persoon Hermans en zijn werk.
Naast al deze werkzaamheden had Klöters tijd over. Zo wordt hij in 2011 voorzitter van Stichting Ramses Shaffy Fonds voor jonge kunstenaars en is hij tussen 2012 en 2014 jurylid van het Ramses Shaffy Art Project. In 2022 draagt hij na meer dan tien jaar het juryvoorzitterschap van de Annie M.G. Schmidtprijs over aan Jurrian van Dongen.
In 1996 legt hij het contact tussen Hilton-directeur Roberto Payer en Raoul Heertje. Payer wil af van de criminele elementen onder zijn hotel dat in die tijd bekend stond als de ‘Juliana’s bar’. En Raoul Heertje zoekt een vaste speelplek voor het stand-up comedycollectief Comedytrain. Dit leidt in december 1996 tot de opening van de comedyclub Toomler, waar de Comedytrain tot eind 2025 zou blijven. Als dank krijgt Klöters eeuwigdurend gratis toegang, waar hij op de allerlaatste dag nog eens gebruik van maakt.
Hij bleek ook al heel snel op de hoogte van mijn eigen werkzaamheden op het internet. Op voorspraak van Jacques Klöters mag ik in 1998 als maker van een prille website over cabaret op bezoek bij cabarethistoricus Wim Ibo. Een zeer memorabele ervaring.
In 1990 is hij gestopt met zowel het lesgeven als met zijn werk als bibliothecaris. Op de Akademie stopt hij omdat hij zich te oud voelt worden tussen de leerlingen. Bij het Nederlands Theater Instituut vindt hij dat zijn diepgaande, specialistische kennis aan de boekenbalie niet meer gewaardeerd wordt door het management. Hij mag de bezoekers niet meer uitgebreid helpen zoeken, maar moet ze doorverwijzen naar de catalogus. Zijn meerwaarde verdween; specialistische kennis maakte plaats voor opzoekvaardigheden.
Op zijn Facebook-pagina schrijft hij hier over: “Waar ik nog wel mogelijkheden zie dat is de superdeskundigheid. De onderzoeker die iets weet wat internet nog niet kan weten. De bibliothecaris die veel verfijnder dan google antwoord kan geven. Een muzieksamenstelster als Angelique Stein die weet dat als men voor een begrafenis “Ik hou van jou” van Herman van Veen zoekt, dat men het lied “Liefde van later” bedoelt. Ze weet ook dat er een couplet inzit dat men liever niet hoort, namelijk over buitenechtelijke escapades (‘maar ik had ook wel eens vriendinnen’) en dat kan ze er op verzoek onhoorbaar tussenuit knippen. De superdeskundige auteur die kan schrijven zoals er nog nooit geschreven is. Bij die mensen, de superdeskundigen, daar wil ik bij horen.”
Deze superdeskundigheid is elke zondagochtend te beluisteren in De Sandwich op NPO Radio 5. Ook plaatst hij dagelijks stukjes op zijn Facebook-pagina’s. Dat zijn persoonlijke verhalen, observaties, cartoons en stukken over de amusementsgeschiedenis. In 2016 en 2020 is een deel van de verhalen gebundeld en verschenen bij Nijgh & Van Ditmar. Klöters omschrijft zichzelf als culturele voedselbank. Voedsel voor de geest. Om kennis te delen en te wijzen op de mooie dingen.
Podcast
-Sporen van… Sonneveld (2024)
Radio
-Splinternieuws (1971); culturele bijdragen
-Babel/satire (1974); samenstelling
-Dr. Grol en de Internationale Lol (1976); samenstelling en presentatie
-NOS-Cultuur (1979); samensteller specials over Duits cabaret in de jaren twintig en dertig
-NOS-Cultuur (1980); samensteller specials over cabaret in Verenigde Staten
-De Taalshow (1982); samensteller interviews tekstschrijvers
-Het Podium van de Lichte Muziek (1986-1996); presentatie
-De Sandwich (1995- ); presentatie
Televisie
-Gewoon Toon (1991);research en interview
-Dit Was Het Nieuws (gast, 1996); panellid
-Andermans Veren (1999-2005); presentatie
Voorstellingen
Prijzen en onderscheidingen
Zilveren Reissmicrofoon (1985)
Festivalprijzen
Cameretten (1968) - juryprijs
Over de voorstellingen database
Deze database bevat informatie over 12035 cabaretgerelateerde voorstellingen ("primaire voorstellingen").
Andere genres (3067 "secundaire voorstellingen") komen aan bod als er een cabaretier in meespeelt.
Daarnaast kan je zoeken op medewerkers van deze voorstellingen.
Versie: 2.5
De functionaliteit is nog in ontwikkeling.
Fouten gevonden? iets raars gezien? Mis je informatie of functionaliteit die je graag zou zien? Laat het me weten!