www.zwartekat.nl - Verzamelpunt voor cabaret en stand-up comedy
nieuws  voorpagina | archief | volg ons via twitter.com/zwartekat Instagram Spotify Twitter Facebook Youtube
Nieuws

Martijn Kardol wint Leids Cabaret Festival

Martijn Kardol heeft zojuist de jury- én publieksprijs van het Leids Cabaret Festival gewonnen. De andere finalisten waren Joosen en De Jager, Marco Lopes.

Kardol studeerde een jaar aan de Koningstheaterakademie in Den Bosch en vervolgens sociologie en zweeds in Amsterdam. Na het volgen van BNN University is hij nu producer voor 3FM met programma’s als That’s Live en Sanderdome en columnist voor het Radio 1-programma Druktemakers. In 2014 won hij de publieksprijs van het Griffioen Zuidplein Cabaret Festival en in november 2015 de jury- publieks- én persoonlijkheidsprijs van het Groninger Studenten Cabaret Festival.
martijnkardol.nl
www.leidscabaretfestival.nl

De finalisten zijn vanaf 26 februari door het hele land te zien met de finalistentour.
speellijst

JURYRAPPORTEN

Juryrapport Martijn Kardol

Voor Martijn Kardol lijken dingen altijd anders uit te pakken dan hij gehoopt had. Zijn voorstelling begint met de aanzet tot een lied, abrupt onderbroken doordat hij de roddel komt rechtzetten dat hij zou zijn mislukt als artiest. Even later demonstreert hij onbedoeld dat die roddels waar zijn, wanneer hij gaat vertellen over zijn ambitie Tony Manero te spelen in de musical Saturday Night Fever. Kardol blijkt niet de meest ervaren discodanser te zijn, maar hij heeft zich wel uitstekend verdiept in minimalistic dance, een genre dat uitgevonden is door een Schot in een dwangbuis. Overigens schrikt hij er niet voor terug om ook zijn discokwaliteiten nog even te demonstreren en zelfs een professionele split te maken – of nou ja, een poging daartoe. Eerder in de voorstelling had hij immers al gezegd: ‘Als je ergens binnenkomt en je ziet een kerel in een te strakke legging die de split doet, dan weet je één ding: hier wordt kunst gemaakt.’

De voorstelling heet Jongensboek, en de Martijn met wie we kennismaken heeft iets van een man die te laat heeft doorgekregen dat zijn jongensjaren voorbij zijn. In zijn eerste liedje vist hij telkens achter het net bij het versieren van een meisje, omdat hij steeds denkt dat hij nog geduld moet hebben – totdat hij definitief te laat is. Even later bedenkt hij de meest onwaarschijnlijke trucs om van de collecteurs van goede doelen af te komen – zich voordoen als Fransman of als ontsnapte tbs’er – om maar niet de waarheid te hoeven zeggen: dat hij er geen zin in heeft om geld te geven. Het is een oplossing die je eerder van een kind dan van een volwassene zou verwachten.

Kardol is een klassieke, allround cabaretier: iemand die goed weet te timen, stevig op het toneel staat, slim speelt met zijn wat onhandige fysiek en bovendien liedjes in zijn voorstelling verweeft. Het eerste liedje werkt al prima, maar het tweede liedje was wat de jury betreft de beste muzikale bijdrage aan dit festival. De tekst is misschien niet bijzonder virtuoos, maar harmonisch en qua uitvoering weet Martijn hier echt te ontroeren. Hij heeft een goede zangstem: niet bijzonder strak of geschoold, maar aangenaam om naar te luisteren en met goede, scherpe uithalen. Dat hij zich begeleidt op piano is nog extra mooi meegenomen. Zijn pianospel is soms een tikje slordig, maar past zich uitstekend aan aan zijn zang.

Jongensboek kent geen echte rode draad, maar ontwikkelt zich vooral door de contrasten die Kardol in zijn spel aanbrengt. Daardoor drijft hij wel behoorlijk op een consistente uitvoering. Bij de halve finale had hij het moeilijk: zijn spreekstem was minder stevig, de plaatsing van zijn grappen leek minder perfect. Maar ook hij maakte diepe indruk op de jury vanavond: hij nam alle rust om zijn kleine fysieke spel tot zijn recht te laten komen. Martijn is als geen ander in staat met hele kleine gebaren of enkele woorden de zaal aan het lachen te krijgen. Dat is een bijzonder talent, en het levert een prachtige combinatie van rust en hilariteit op.

Dan komt nu de uitslag. De jury had het erg lastig vanavond: het is een fotofinish geworden tussen beide solisten. Uiteindelijk kiest de jury voor de cabaretier die zij als het meest allround beschouwt: de winnaar van de juryprijs van het Leids Cabaret Festival 2016 is Martijn Kardol.

Juryrapport Marco Lopes

‘Het gaat goed mensen, het gaat goed. Oh, wat hebben we het toch goed samen.’ Marco Lopes blijft het maar herhalen. Dat dat nodig is, maakt één ding duidelijk: het geluk waarvan Marco spreekt, ontglipt hem eigenlijk steeds. Niet voor niets heet zijn voorstelling Saudade, het Portugese woord voor verlangen, en opent hij met de salsaversie van ‘I still haven’t found what I’m looking for’ van U2. Hij is single en de vrouwen zeggen tegen hem: ‘Marco, voor jou tien anderen’. Maar goed, dat betekent dus toch maar mooi dat hij niet minder dan tien mensen waard is.

De zoektocht naar liefde is één van de twee centrale thema’s in deze voorstelling. We zien die zoektocht bijvoorbeeld terug in de conference over vrouwen en anticonceptie. Ontroerend is zijn fantasie van een eigen gezin, met dochter Hannah, zoon Jeroen en hond Timo. ‘Soms mis ik mijn gezin,’ verzucht Lopes – heimwee naar dat wat niet bestaat. Maar ook in de publieksinteractie draait het uiteindelijk om liefde. Hij pikt een man uit het publiek die hij ‘Peter’ noemt en die met een probleem worstelt. In de omhelzing verandert Marco langzaam van een trooster in een hulpbehoevende. Een mooi moment: Lopes zoekt een verbinding met het publiek die niet draait om beledigen – maar die toch ongemakkelijk maakt omdat de scène zo lang wordt gerekt.

Een tweede thema is zinloosheid. We leven in een wereld waarin je twintig minuten lang doucht met drinkwater, gewoon omdat het kan, en waar je snackies eet, niet omdat je er trek in hebt, maar gewoon omdat ze er zijn. Het enige spannende gesprek met zijn ouders dat Marco nog kan voeren, is een gesprek waarin hij liegt dat hij homo is – alleen om zijn homofobe vader op de kast te jagen. Eigenlijk zou je van deze voorstelling behoorlijk wanhopig kunnen worden. Maar daar geeft Lopes je geen kans toe. Voor hem is het glas altijd minstens half vol – zo zou je zijn decor kunnen interpreteren, waarmee hij geinige grapjes uithaalt gedurende de voorstelling. Bovendien maakt hij indruk met subtiel spel en een tegelijk charismatische en charmante uitstraling. Die werkt vooral goed wanneer hij in al zijn beweeglijkheid ook nog de rust en de juiste timing weet te behouden: in de voorronde was hij zo bezien scherper dan in de halve finale. Deze finaleavond kwam hij echter op een grandioze manier terug: zijn plaatsing van de grappen was perfect, en hij voegde een schitterende workout aan het einde toe. Die was niet alleen erg goed uitgevoerd, maar had ook inhoudelijke relevantie: hiermee versterkte hij het thema van lichamelijkheid dat door de hele voorstelling een rol speelt.

De vraag is wel: staat Marco’s lichtheid de inhoud van de voorstelling niet in de weg? Het is de jury niet altijd duidelijk of Marco nu kritisch wil zijn over het gebrek aan zingeving in de hedendaagse wereld of niet. Misschien zou de voorstelling nog extra pit krijgen wanneer ze geëngageerder zou durven te zijn. Hoe het ook zij: Marco Lopes laat zien dat hij uitstekend in staat is een coherente voorstelling neer te zetten, die tegelijkertijd aanvoelt als spontaan. Dit is een cabaretier om de komende jaren te blijven volgen.

Juryrapport Joosen en De Jager

Joosen en De Jager is het enige gezelschap dat actief is tussen alle solisten op dit festival: met twee acteurs, een drummer en een toetsenist is het heel wat drukker op het toneel dan bij de andere acts. Daar komt nog bij dat ze voor een zorgvuldige mise en scène hebben gezorgd, met ‘lichttorens’ bestaande uit gestapelde gallons. Dat decor ondersteunt slim deze strakke show, met uitgekiende muzikale elementen en effecten.

De show bestaat vervolgens uit losse scènes over verwante thema’s. Deze voorstelling, Quarter Life Crisis, toont de dilemma’s van de huidige generatie dertigers in de digitaliserende, onzekere wereld van nu. En dus draait het om contractonderhandelingen die lijken op een absurde televisieshow, om het zoeken naar mindfulness, om het ontbreken van een protestgevoel. De ideeën die ten grondslag liggen aan de scènes zijn vaak goed gevonden. Zo verbeelden Joosen en De Jager het delen van digitale bestanden op een bizarre manier: een engeltje wordt op weg gestuurd met gallons water die het rondgestuurde bestand moeten voorstellen. Hoe zwaarder het bestand, hoe meer water er in de vaten zit. Mooier kun je de milieu-impact van ons computergebruik niet verbeelden: bij ieder bestandje dat we uploaden wordt er ergens op een Amerikaans serverpark een paar liter koelwater over de balk gesmeten. De onmogelijkheid tot contact wordt slim verbeeld door middel van een gigantische selfiestick, die rondzwaait boven het schouwburgpubliek onder de woorden ‘Samen zijn, dat wil toch iedereen’.

Voor het snelle, scènematige cabaret dat Joosen en De Jager maken zijn drie dingen cruciaal: een perfecte uitvoering, een zuivere timing en een hoog tempo. Waar ze in de eerste ronde op het vlak van uitvoering en timing nog steken lieten vallen, waren ze in de halve finale opvallend goed op dreef. Het lukte ze moeiteloos om de zaal mee te krijgen. De finale was op dat punt nét weer wat minder sterk Vooral van de podiumverschijning van Jeroen de Jager is de jury onder de indruk. Een ander aspect van de voorstelling kan de jury echter minder overtuigen: het tempo van de scènes. Eigenlijk duren alle scènes te lang: ze beginnen sterk, maar worden zo lang uitgerekt dat ze aan kracht verliezen. Conceptueel verliezen ze daarbij ook gaandeweg aan kracht. Neem het liedje met de refreinregel: ‘Wij protesteren… niet’: het begint als een rake kritiek op het gebrek aan activisme bij de dertigers van vandaag, lijkt dan te knipogen naar de teloorgang van de vakbond en het eindigt met een carnavalskraker. Die drie dingen worden te weinig overtuigend aan elkaar geknoopt.

Wanneer de scènes zo lang worden volgehouden, worden ze op een bepaald moment studentikoos. Vooral de fysieke verschijning van beide cabaretiers wordt dan ongericht: ze gaan dansen of rondrennen. Dat is doodzonde: zulke elementen ondermijnen het rake engagement van Joosen en De Jager. De jury hoopt dat de finalistentour voor beide makers een aanleiding is om het materiaal verder te verscherpen en te vervolmaken.

foto: Martin Oudshoorn

Categorie: Festivals | Meer over: , , ,
Richard van Bilsen. Eindbaas Zwartekat.nl.